ECLI:NL:RBDHA:2020:9258
Rechtbank Den Haag · 17-09-2020 · zaaknummer 592946
Inhoudsindicatie
Verzoek van de Raad op grond van artikel 1:267, tweede lid, BW, om te beoordelen of beëindiging van het ouderlijk gezag van de moeder noodzakelijk is. Voormelde bepaling voorziet in een rechtsgang in het geval er een verschil van mening is tussen de gecertificeerde instelling en de Raad. In het geval ook de Raad van mening is dat het gezag moet worden beëindigd, dient de Raad zelf een verzoek tot beëindiging van het gezag in te dienen (art. 1:267, eerste lid, BW). Voor een beoordeling door de rechtbank is in dat geval geen plaats. Ter zitting is ruis ontstaan over het standpunt van de Raad. De Raad, die eerder in haar rapportage van 25 november 2019 gemotiveerd had gesteld niet tot een verzoek tot beëindiging van het gezag over te gaan, heeft zich ter zitting namelijk bij monde van de zittingsvertegenwoordiger inzake beëindiging van het gezag ‘neutraal’ opgesteld. Nu de zittingsvertegenwoordiger desgevraagd niet aan de rechtbank heeft kunnen zeggen dat en wanneer de Raad een verzoek tot beëindiging van het gezag bij de rechtbank zal gaan indienen, is nog steeds sprake van een verschil van mening tussen de gecertificeerde instelling en de Raad. De rechtbank zal zich dus buigen over de vraag of het ouderlijk gezag van de moeder moet worden beëindigd. De rechtbank is van oordeel dat niet aan de criteria van artikel 1:266, eerste lid, BW is voldaan en dat daarom het gezag van de moeder over de minderjarigen niet kan worden beëindigd. Uit de overgelegde stukken en het verhandelde ter terechtzitting is gebleken dat geen sprake meer is van een ernstige bedreiging in de ontwikkeling van de minderjarigen of van onduidelijkheid over hun perspectief die al te lang duurt. De minderjarigen wonen bij hun vader en daar gaat het goed met hen. Moeder stelt hun hoofdverblijfplaats bij de vader niet ter discussie. Evenmin is gesteld of gebleken dat sprake is van misbruik van het gezag van de moeder.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
