ECLI:NL:RBDHA:2020:6228
Rechtbank Den Haag · 06-07-2020 · zaaknummer NL20.3610
Inhoudsindicatie
De Dublinverordening geeft, anders dan in gevallen van onderduiking of gevangenzetting, geen mogelijkheden om de uiterste overdrachtstermijn te verlengen. De rechtbank ziet geen aanleiding om aan te nemen dat door de Covid-19 pandemie een aangepaste termijn zal gelden. Nederland is door het verstrijken van de overdrachtstermijn verantwoordelijk geworden voor de asielaanvraag van eiser. Het beroep is gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
