ECLI:NL:RBDHA:2020:4231
Rechtbank Den Haag · 01-04-2020 · zaaknummer Awb 20/1454
Inhoudsindicatie
Verzoeker wil een visum kort verblijf om een bezoek te brengen aan zijn vriendin in Nederland. Omdat de schoonvader van zijn vriendin een slechte gezondheid heeft, heeft hij de voorzieningenrechter verzocht om een voorziening te treffen die ertoe strekt dat hij wordt beschouwd als ware hij in het bezit van het gevraagde visum. De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding om deze voorziening te treffen, omdat de redelijke twijfel van verweerder over de relatie en de tijdige terugkeer van verzoeker naar Gambia gerechtvaardigd is.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
