ECLI:NL:RBDHA:2020:3608
Rechtbank Den Haag · 21-04-2020 · zaaknummer AWB - 20 _ 2108
Inhoudsindicatie
Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. De voorzieningenrechter ziet onvoldoende aanleiding om te verwachten dat het ontslag in de bezwaarfase geen stand zal houden. Als de primaire ontslaggrond geen stand houdt, is te verwachten dat het ontslag op de subsidiaire ontslaggrond kan worden gebaseerd. Verschillende gedragingen van verzoekster roepen twijfel over haar integriteit. Het beeld rijst van een ambtenaar die het niet zo nauw neemt met regelingen en deze, zonder gebleken voorafgaand overleg met het bevoegd gezag, in haar voordeel uitlegt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
