Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2020:2672

Rechtbank Den Haag · 23-03-2020 · zaaknummer NL20.5179 en NL20.5981

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 25-03-2020
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiser heeft een vervolgberoep ingediend tegen de bewaringsmaatregel ex artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder b, Vw. Deze maatregel is inmiddels opgeheven en daarom is de beoordeling beperkt tot de vraag of aan eiser schadevergoeding moet worden toegekend. De rechtbank stelt vast dat verweerder heeft erkend dat het rechtmatig verblijf van eiser op 25 februari 2020 is geëindigd en dat de bewaringsmaatregel niet tijdig is opgeheven, dan wel omgezet. Verweerder heeft niet met de vereiste voortvarendheid gehandeld. De door verweerder aangeboden schadevergoeding gaat echter uit van een onjuiste telling; eiser heeft van 27 februari 2020 tot en met 6 maart 2020 onrechtmatig in bewaring gezeten op grond van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder a, Vw. Dat betekent dat eiser recht heeft op een schadevergoeding van 9 dagen x € 80,-. Het beroep is in zoverre gegrond. Eiser heeft een eerste beroep ingesteld tegen de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, Vw. Eiser heeft de gronden van de maatregel niet bestreden. De rechtbank volgt eiser niet in zijn stelling dat de bewaringsmaatregel ex artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, Vw onrechtmatig is, omdat de bewaringsmaatregel ex artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder a, Vw te laat is omgezet. Op grond van vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de onrechtmatigheid van de eerdere maatregel niet tot gevolg dat de opvolgende maatregel daarom ook onrechtmatig is. Voorts is de rechtbank van oordeel dat op dit moment geen sprake is van de omstandigheid dat geen zicht is op uitzetting in verband de huidige maatregelen ter bestrijding van (de verspreiding van) het coronavirus. Op dit moment is onduidelijk hoelang de huidige maatregelen zullen duren. De maatregelen zijn echter tijdelijk van aard. De rechtbank ziet geen aanleiding om te oordelen dat het zicht op uitzetting op een zodanige manier ontbreekt dat tot opheffing van de maatregel moet worden overgegaan. De redelijke termijn ten aanzien van de duur van de maatregel is op dit moment nog niet in het geding. De beroepsgrond slaagt niet.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

  • de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.