ECLI:NL:RBDHA:2020:13276
Rechtbank Den Haag · 23-12-2020 · zaaknummer 09/219169-20
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft het slachtoffer zwaar mishandeld door hem met een mes in zijn gezicht te steken/snijden. Hierdoor heeft het slachtoffer ernstig letsel aan zijn bovenlip opgelopen, hetgeen heeft geresulteerd in een aanzienlijk litteken op zijn bovenlip. Dit letsel is hoogstwaarschijnlijk blijvend waardoor het slachtoffer voor het leven is getekend en zal blijven worden herinnerd aan deze gebeurtenis. De rechtbank merkt het letsel van het slachtoffer in deze zaak aan als ernstiger dan middelzwaar. Naar het oordeel van de rechtbank komen de ernst van het bewezen verklaarde en gevolgen daarvan voor het slachtoffer onvoldoende tot uitdrukking in de door de officier van justitie gevorderde gevangenisstraf van acht maanden. Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van tien maanden, met aftrek van de tijd die in voorarrest is doorgebracht, passend en geboden is
Rechters
Advocaten
- P. de Jonge
- P.W.J. de Water
Officier van justitie
- P. de Jonge
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
