ECLI:NL:RBDHA:2020:13108
Rechtbank Den Haag · 21-12-2020 · zaaknummer 09/842183-19
Inhoudsindicatie
Bewezenverklaring van verkrachting van en ontucht met een minderjarige (de bij de verdachte inwonende dochter van zijn partner), mede bestaande uit het seksueel binnendringen van het lichaam. De rechtbank splitst feit 1 op de dagvaarding in feit 1a primair/subsidiair en 1b primair/subsidiair. Vrijspraak voor verkrachting zoals ten laste gelegd onder 1b primair en 2. Overwegingen omtrent verjaring, splitsing van de tenlastelegging en dwang door andere feitelijkheden. De rechtbank legt een gevangenisstraf op voor de duur van 4 jaar. Daarnaast dient de verdachte het slachtoffer een schadevergoeding te betalen.
Advocaten
Officier van justitie
- K. van Diemen
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
