ECLI:NL:RBDHA:2020:11946
Rechtbank Den Haag · 23-10-2020 · zaaknummer NL20.11558
Inhoudsindicatie
Gegeven de onzekerheden rondom de coronamaatregelen, onder andere voor wat betreft de duur ervan en de mogelijke aanpassingen die nog zouden volgen, en de niet direct voorzienbare implicaties ervan voor de mogelijkheid om de asielprocedure doorgang te kunnen laten vinden, waarbij de rechtbank ook verwijst naar de omstandigheden zoals die door verweerder niet alleen in het verweerschrift maar ook in de hiervoor aangehaalde uitspraak van 3 juli 2020 zijn aangevoerd, bestaat onvoldoende grond voor het oordeel dat verweerder eerder dan met ingang van 20 mei 2020 de beslistermijn had kunnen en moeten verlengen. Het voorgaande leidt de rechtbank tevens tot het oordeel dat, anders dan zittingsplaats Arnhem heeft geoordeeld, de dwangsom ook wordt opgeschort als deze tussen 16 maart en 20 mei 2020 is gaan lopen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
