ECLI:NL:RBDHA:2020:10980
Rechtbank Den Haag · 03-11-2020 · zaaknummer SGR 19/6441
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft de eerder verstrekte bijzondere bijstand voor de kosten van het griffierecht teruggevorderd. Het door eiser hiertegen gemaakte bezwaar is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht. Naar het oordeel van de rechtbank is in dit geval geen sprake van misbruik van recht. Deze procedure valt niet onder de contactbeperking van het kort geding vonnis van 7 februari 2019, omdat aan het primaire besluit geen aanvraag ten grondslag ligt. Verweerder heeft immers na een intern onderzoek zelf besloten om de eerder toegekende bijzondere bijstand terug te vorderen. Het staat eiser vrij om daartegen bezwaar in te dienen, zo blijkt ook uit het voormelde vonnis in kort geding. Dat eiser bezwaar maakt tegen een door verweerder genomen, voor hem belastend besluit, kan – gelet op het vorenstaande – naar het oordeel van de rechtbank niet worden aangemerkt als misbruik van recht. Dat de rechtbank in een groot aantal andere procedures wél misbruik van recht heeft aangenomen, maakt het vorenstaande niet anders. Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder moet een nieuw besluit op het bezwaar nemen, met inachtneming van deze uitspraak.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
