Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2019:8346

Rechtbank Den Haag · 06-08-2019 · zaaknummer AWB 19/3039

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 14-08-2019
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiser (gesteld minderjarig, staatloos en wees) heeft een visum voor kort verblijf aangevraagd met als doelen het bezoeken van referent in Nederland en het mogelijk maken in het kader van adoptie van een onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming. Referent heeft de Nederlandse nationaliteit. Ook de echtgenote van referent, met wie eiser in de Palestijnse gebieden dan wel Jordanië verblijft, heeft de Nederlandse nationaliteit. Het verzoek van referent en zijn echtgenote tot adoptie van eiser is eerder afgewezen. Verweerder heeft zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de sociale en economische binding van eiser met het land van herkomst of bestendig verblijf onvoldoende is aangetoond of zeer gering is gebleken. Verweerder kon daarom op voorhand redelijkerwijs twijfelen aan de tijdige terugkeer van eiser naar het land van herkomst of bestendig verblijf. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd dat eiser niet aan het middelenvereiste voldoet. Het beroep van eiser op artikel 8 van het EVRM leidt niet tot het oordeel dat verweerder de weigeringsgronden van de Visumcode niet aan eiser mag tegenwerpen. Verweerder heeft zich op het standpunt mogen stellen dat van bijzondere omstandigheden op grond waarvan op de Nederlandse Staat in dit geval in het kader van artikel 8 van het EVRM een positieve verplichting rust om eiser kort verblijf hier te lande toe te staan, niet is gebleken. Niet is aannemelijk gemaakt dat referent eiser niet in een ander land (buiten het Schengengebied) zou kunnen bezoeken. Het visum voor kort verblijf is niet bedoeld om het gezinsleven uit te oefenen in Nederland of een van de andere Schengenstaten, maar is uit de aard van het visum bedoeld voor kortdurend verblijf.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

  • de minister van Buitenlandse Zaken

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de minister van Buitenlandse Zaken

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.