ECLI:NL:RBDHA:2019:7814
Rechtbank Den Haag · 29-07-2019 · zaaknummer C/09/576019 / KG RK 19-948
Inhoudsindicatie
Afwijzing verzoek: Het gaat om twee louter procedurele beslissingen. Dergelijke beslissingen kunnen in beginsel geen grond vormen voor wraking. Wrakingsverbod: Het wrakingsverzoek is het tweede dat door verzoeker in deze procedure is gedaan. Hij diende beide verzoeken in voorafgaand aan de mondelinge behandeling ter zitting, met aanhouding daarvan als gevolg. Gelet op de wijze waarop verzoeker zich in de processtukken jegens de rechtbank en haar (mogelijke) samenstelling van rechters uit, bestaat er naar het oordeel van de wrakingskamer een gerechtvaardigde vrees voor herhaling. Door bovendien het middel van wraking in te zetten nog voordat het debat op inhoudelijke gronden met de procespartijen ter zitting kan worden gevoerd, wordt voor de rechtbank een onwerkbare situatie gecreëerd. De wrakingskamer acht het op deze wijze vroegtijdig en bij herhaling inzetten van het middel van wraking een gerechtvaardigde grond om een wrakingsverbod op te leggen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Belanghebbende in deze procedure is: het CAK
verweerder · overheid
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Overheidspartijen
Belanghebbende in deze procedure is: het CAK
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
