Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2019:6896

Rechtbank Den Haag · 06-06-2019 · zaaknummer AWB 18/5533 en AWB 18/5534

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 11-07-2019
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Regulier, 8 EVRM, familieleven, kleinkinderen, grootouder, gezinsleven, samenwoning, beroep en vovo, arrest Kruškić, hechte persoonlijke banden 8 EVRM Samenvatting: Beroep tegen afwijzing aanvraag vbv regulier en verzoek om voorlopige voorziening. Door eiseres wordt gesteld dat sprake is van familie/gezinsleven met haar zoon en haar kleinkinderen. Niet in geschil is dat eiseres met haar kleinkinderen heeft samengewoond en dat eiseres aan haar kleinkinderen belangrijke ondersteuning heeft geboden. Uit de rechtspraak van het EHRM volgt dat de vraag of sprake is van familie- of gezinsleven tussen (minderjarige) kleinkinderen en hun grootouders een kwestie van feitelijke aard is en afhankelijk is van het daadwerkelijk bestaan van hechte persoonlijke banden. Het EHRM heeft verder in paragraaf 108 van het arrest Kruškić overwogen dat, hoewel het samenwonen van een grootouder en een kleinkind geen vereiste is voor het aannemen van familie- of gezinsleven, aangezien frequent contact ook voldoende kan zijn voor het ontstaan van hechte persoonlijke banden, deze banden doorgaans worden aangenomen indien een grootouder en een kleinkind een tijd hebben samengewoond. Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom niet wordt uitgegaan van familie- of gezinsleven tussen eiseres en haar kleinkinderen, terwijl sprake is geweest van samenwoning. Daarbij komt dat verweerder erkent dat eiseres belangrijke ondersteuning aan haar kleinkinderen heeft geboden. Ook de door verweerder gegeven motivering wat het gestelde gezins/familieleven tussen eiseres en haar zoon is ondeugdelijk. Verweerder werpt eiseres immers enerzijds tegen dat zij het gezinsleven is aangegaan in Nederland terwijl zij geen rechtmatig verblijf in Nederland had, terwijl verweerder anderzijds meent dat er geen sprake is van familie- of gezinsleven omdat de vereiste meer dan normale emotionele banden tussen eiseres en haar zoon niet bestaan. Die motivering is innerlijk tegenstrijdig. Het beroep is gegrond. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op om binnen zes weken na verzending van de uitspraak een nieuw besluit op bezwaar te nemen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Minister van Justitie en Veiligheid

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • Minister van Justitie en Veiligheid

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.