ECLI:NL:RBDHA:2019:6109
Rechtbank Den Haag · 11-06-2019 · zaaknummer Awb 19/4516
Inhoudsindicatie
De voorzieningenrechter volgt verweerder dat van uitzetting in dit geval geen sprake is maar evident is dat het bezwaarschrift zich richt tegen de geplande overdracht van verzoeker. Die kan worden aangemerkt als een handeling als bedoeld in artikel 72, derde lid, van de Vw 2000. Voorzieningenrechter is, anders dan verweerder meent, wel bevoegd om op de vovo te beslissen. Ofschoon verzoeker heeft aangegeven aangifte te willen doen van mensenhandel heeft verweerder in dit geval geen aanleiding hoeven zien de overdracht om die reden te annuleren.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
