ECLI:NL:RBDHA:2019:500
Rechtbank Den Haag · 23-01-2019 · zaaknummer C-09-535020-HA ZA 17-679
Inhoudsindicatie
en inzake C/09/536878 / HA ZA 17/804, C/09/537016 / HA ZA 17/819 en C/09/539094 / HA ZA 17/945. Onrechtmatige overheidsdaad. Misdragingen Nederlandse militairen in Nederlands-Indië in 1947. Eisers stellen dat hun vaders onrechtmatig geëxecuteerd zijn. Het verjaringsverweer van de Staat wordt gehonoreerd. De vorderingen waren ogv de ‘Verjaringswet’ van 31 oktober 1924, Stb. 482 op 31 december 1952 verjaard. Bij beantwoording van de vraag of het beroep op verjaring in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, zoekt de rechtbank, net als in eerdere zaken over misdragingen van Nederlandse militairen in Nederlands-Indië in 1947-1949 aansluiting de bij de gezichtspunten zoals geformuleerd in het arrest HR 28 april 2000, NJ 2000, 430. Net als in eerdere zaken over misdragingen van Nederlandse militairen in Nederlands-Indië in 1946-1949, acht de rechtbank het bij de toepassing van gezichtspunt g passend om de redelijke termijn waarbinnen aansprakelijkstelling dient plaats te vinden en een vordering tot schadevergoeding dient te zijn ingesteld te laten aanvangen op het moment waarop de eisers daadwerkelijk op de hoogte waren van de mogelijkheid om de Staat aansprakelijk te stellen en in rechte te betrekken. Eisers hebben te lang daarmee gewacht.
Advocaten
- A. Vossenberg
- K. Teuben
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
