ECLI:NL:RBDHA:2019:331
Rechtbank Den Haag · 11-01-2019 · zaaknummer NL18.24156 e.v.
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft terecht vastgesteld dat eiseres en haar vier kinderen met onbekende bestemming vertrokken waren. Verweerder heeft dit ook tijdig aan de Poolse autoriteiten gemeld, zodat op grond van artikel 29, tweede lid, van de Dublinverordening de overdrachtstermijn is verlengd tot 21 februari 2019. Polen is daarom nog steeds de in beginsel verantwoordelijke lidstaat voor eisers asielaanvragen. Voor het namens eisers bepleite verval van rechtswege van die bevoegdheid is reeds vanwege deze feiten geen plaats. Dat namens de minderjarige kinderen op 7 mei 2018 een nieuwe asielaanvraag als minderjarige is gedaan doet aan die reeds bestaande verantwoordelijkheid van Polen geen afbreuk, evenmin als het standpunt van het Nidos. Verweerder heeft verwezen en mogen verwijzen naar de onlosmakelijke band tussen minder- en meerderjarig gezinslid zoals die is genoemd in artikel 20, derde lid, van de Dublinverordening. Daarmee wordt ook het (gewichtige) belang van de eenheid van het gezin gediend.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
