ECLI:NL:RBDHA:2019:329
Rechtbank Den Haag · 16-01-2019 · zaaknummer 18/4021
Inhoudsindicatie
Bij brief van 22 januari 2018 heeft verweerder eiser naar aanleiding van zijn verzoek van 1 december 2017 om verlening van beschermd wonen, in die zin dat aan hem in een beschermde woonomgeving noodzakelijke medische zorg wordt verleend, informatie verstrekt. Verweerder heeft het daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder niet onderkend dat het niet aan hem was om een inhoudelijke reactie te geven op eisers verzoek. Het COa was de instantie die belast was met de Rva verstrekkingen waar eiser tijdens de brief van 22 januari 2018 recht op had. Op grond van artikel 2:3 van de Awb had verweerder eisers verzoek daarom moeten doorzenden aan het COa. Omdat verweerder dit niet heeft gedaan, had verweerder eisers bezwaar in het bestreden besluit gegrond moeten verklaren en de inhoudelijke reactie in de brief van 22 januari 2018 moeten herroepen. Beroep gegrond, vernietiging bestreden besluit in verband met schending van de doorzendplicht, gegrondverklaring bezwaar en herroeping inhoudelijke reactie in de brief van 22 januari 2018.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
