ECLI:NL:RBDHA:2019:13715
Rechtbank Den Haag · 18-12-2019 · zaaknummer AWB 19/3843
Inhoudsindicatie
Vreemdelingenrecht regulier. In deze uitspraak heeft de rechtbank overwogen dat verweerder er kennelijk vanuit gaat dat het verblijfsrecht nog bestaat, omdat eiser een Spaans verblijfsdocument heeft dat geldig is tot 2024. Eiser heeft echter omstandigheden aangevoerd, op basis waarvan hij stelt dat het verblijfsrecht in Spanje is komen te vervallen. In het licht van de verklaringen van eiser, die door verweerder ook niet zijn betwist, hecht verweerder daarom naar het oordeel van de rechtbank zonder nadere motivering teveel waarde aan het door de Spaanse autoriteiten afgegeven verblijfsdocument. De rechtbank volgt eiser daarom in zijn betoog dat verweerder ten onrechte niet nader heeft onderzocht of het verblijfsrecht in Spanje nog bestaat.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
