ECLI:NL:RBDHA:2019:10003
Rechtbank Den Haag · 16-07-2019 · zaaknummer AWB 19/5236
Inhoudsindicatie
Voorlopige voorziening hangende bezwaar; Visum kort verblijf; Bijwonen huwelijksceremonie in Nederland. Referente is de schoondochter van verzoekster. Verzoekster is van Afghaanse nationaliteit en wenst de traditionele (islamitische) huwelijksceremonie van haar zoon en referente op 27 juli 2019 in Nederland bij te wonen. Naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter kan verweerder gevolgd worden diens standpunt dat geen sprake is van een dusdanig sterke economische binding dat op grond daarvan tijdige terugkeer is gewaarborgd. Uit de in bezwaar overgelegde stukken en de toelichting ter zitting volgt naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter echter wel een sociale binding met Turkije. Gelet op het gegeven dat de sociale en economische binding als communiceren vaten fungeren, heeft verweerder (in het primaire besluit, dat slechts een kruisjes formulier betreft) onvoldoende gemotiveerd waarom er, gelet op de sociale binding, twijfel bestaat over de tijdige terugkeer van verzoekster. In dit kader is tevens van belang dat, zoals ter zitting is toegelicht, referente reeds eerder garant heeft gestaan en beschouwd dient te worden als betrouwbare garantstelster. Verweerder is in zijn verweerschrift bovendien niet, althans niet voldoende gemotiveerd, ingegaan op de onderbouwde stellingen van verzoekster, en is niet ter zitting verschenen om zijn standpunt alsnog toe te lichten. Nu niet op voorhand kan worden uitgesloten dat het bezwaar van eiseres een redelijke kans van slagen heeft, en het niet in de lijn der verwachtingen ligt dat verweerder, met het doel van het gevraagde visum in acht nemend, op tijd zal beslissen, zal de voorzieningenrechter de gevraagde voorziening toewijzen in die zin dat verweerder wordt opgedragen verzoekster te behandelen als ware zij in het bezit van een visum voor kort verblijf vanaf 22 juli 2019, geldig tot en met 15 augustus 2019.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
