ECLI:NL:RBDHA:2018:6240
Rechtbank Den Haag · 16-05-2018 · zaaknummer C/09/550738 / FA RK 18-2368
Inhoudsindicatie
Internationale kinderontvoering. De minderjarige had voor de overbrenging naar Nederland haar gewone verblijfplaats in Engeland. De ouders zijn naar Engels recht gezamenlijk belast met het gezag over de minderjarige. De rechtbank is van oordeel dat voldoende aannemelijk is geworden dat de vader zijn gezag over de minderjarige voorafgaand aan de overbrenging naar Nederland uitoefende. De moeder heeft naar het oordeel van de rechtbank (met de overgelegde WhatsApp-berichten) niet aangetoond dat zij op het moment dat zij met de minderjarige naar Nederland vertrok, of op enig later moment, toestemming had van de vader voor een permanent verblijf in Nederland. Voorts is er geen sprake is van de weigeringsgrond(en) als bedoeld in artikel 13 lid 1 sub a en artikel 13 lid 1 sub b van het Verdrag. De rechtbank ziet geen aanleiding om de teruggeleiding naar de woonplaats van de vader te gelasten en gelast de teruggeleiding naar Engeland. De moeder wordt veroordeeld in (een deel van de) door de vader gemaakte kosten.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- C.C.B. Boshouwers
- H.M. Bo
- T.M. Coppes
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
