ECLI:NL:RBDHA:2018:5716
Rechtbank Den Haag · 08-05-2018 · zaaknummer NL18.1604
Inhoudsindicatie
opvolgende asielaanvraag, ingangsdatum, artikel 44 lid 2 Vw 2000, Dublinoverdracht niet mogelijk, herzieningsverzoek, geen formulier Model 35-O, formulier Model 35-H, bestuurlijke heroverweging, correcties en aanvullingen, terugwerkende kracht, in rechte onaantastbaar besluit, rechtszekerheidsbeginsel, eerdere besluit niet onrechtmatig, huidige situatie is eerst ontstaan na afronding van de eerste asielprocedure, huidige situatie mede te wijten aan het handelen van eiser. Hoewel niet uitdrukkelijk om bestuurlijke heroverweging is gevraagd vanwege de ingangsdatum, is wel expliciet verzocht om de datum van zijn asielaanvraag te corrigeren in de correcties en aanvullingen op het nader gehoor. De rechtbank oordeelt dat verweerder uit de correcties en aanvullingen had kunnen en behoren af te leiden dat eiser een verblijfsvergunning met een eerdere ingangsdatum wilde dan die van zijn opvolgende asielaanvraag. Nu artikel 44, tweede lid, Vw 2000 dat uitsluit, had verweerder dit onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijs behoren op te vatten als een verzoek om terug te komen op het eerdere besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen. De Afdeling heeft bij uitspraak van 22 juni 2016 overwogen dat als een vreemdeling geen opvolgende asielaanvraag indient maar in plaats daarvan betoogt dat een eerder afgewezen asielaanvraag alsnog met terugwerkende kracht vanaf de datum van die eerdere aanvraag moet worden ingewilligd, verweerder op dat verzoek moet beslissen. Dat heeft verweerder in het bestreden besluit ten onrechte niet gedaan en daarom wordt het beroep gegrond verklaard. De rechtbank ziet aanleiding om de rechtsgevolgen van het besluit in zoverre in stand te laten. Daarbij is in aanmerking genomen dat verweerder zich in het verweerschrift en ter zitting op het standpunt heeft gesteld dat uit de uitspraak van de Afdeling van 22 juni 2016 volgt dat ook bij verzoeken om terug te komen op een eerder in rechte onaantastbaar besluit, het rechtszekerheidsbeginsel een belangrijke rol speelt. De rechtbank volgt verweerder in het standpunt dat in dit geval niet moet worden geoordeeld dat het eerdere besluit onrechtmatig was en dat dit al ten tijde van die eerdere procedure had kunnen en wellicht ook had moeten zijn onderkend. Voorts is de huidige situatie, waarin verweerder vanwege de uiteindelijke weigering van Roemenië om eiser in het kader van de Dublinverordening terug te nemen de verantwoordelijkheid voor het asielverzoek heeft moeten overnemen, eerst ontstaan na afronding van de eerste asielprocedure, waarbij de verantwoordelijkheid van Roemenië voor eisers asielverzoek juist in rechte was komen vast te staan. Daarnaast valt de huidige situatie mede te wijten aan het handelen van eiser omdat hij niet in het eerste land van binnenkomst van de lidstaten bij de Dublinverordening een asielverzoek heeft ingediend maar vervolgens is doorgereisd naar andere lidstaten. De rechtbank volgt verweerder dan ook dat eiser aan dergelijke gedragingen geen recht kan ontlenen op een verlening van een vergunning asiel met een eerdere ingangsdatum. Gelet op het vorenstaande oordeelt de rechtbank dat verweerder in dit geval in redelijkheid geen aanleiding heeft hoeven zien om de ingangsdatum van de aan eiser verleende verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd met terugwerkende kracht vanaf de datum van de eerdere asielaanvraag te verlenen. Verweerder heeft in het verweerschrift en ter zitting alsnog afdoende gemotiveerd waarom geen aanleiding bestaat tot bestuurlijke heroverweging van de ingangsdatum van de verleende asielvergunning.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
