ECLI:NL:RBDHA:2018:3539
Rechtbank Den Haag · 19-03-2018 · zaaknummer AWB 17 / 13372
Inhoudsindicatie
Eiseres heeft een aanvraag mvv in het kader van nareis ingediend. Zij heeft geen door de autoriteiten afgegeven identificerende documenten overgelegd. De rechtbank concludeert dat verweerder op goede gronden aan eiseres heeft tegengeworpen dat zij geen geldig document voor grensoverschrijding heeft overgelegd, terwijl zij daartoe blijkens het Algemeen Ambtsbericht Eritrea 2017 wel verplicht was. Verweerder heeft tevens op goede gronden geconcludeerd dat geen sprake is van bewijsnood, omdat niet aannemelijk is gemaakt dat eiseres niet toe is te rekenen dat zij geen geldig document voor grensoverschrijding heeft kunnen overleggen. Verweerder heeft in de onderhavige zaak daadwerkelijk gekeken naar het aangeleverde indicatieve bewijs dat eisers heeft overgelegd, maar dit onvoldoende substantieel geacht. De rechtbank concludeert dat verweerder daarmee zijn eigen beleid, zoals vastgelegd in paragraaf C1/4.4.6, van de Vreemdelingencirculaire 2000 niet dusdanig eng uitvoert dat indicatieve documenten alleen een rol kunnen spelen indien sprake is van bewijsnood.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
