ECLI:NL:RBDHA:2018:2798
Rechtbank Den Haag · 01-03-2018 · zaaknummer NL17.14118
Inhoudsindicatie
[Somalië; Mogadishu; 15c-situatie] Samenvatting: Heeft verweerder deugdelijk gemotiveerd dat, gelet op het ambtsbericht van oktober 2017, er in Mogadishu geen situatie is als bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Kwalificatierichtlijn (15c-situatie)? De rechtbank stelt vast dat eiser in de zienswijze heeft gewezen op het ambtsbericht van oktober 2017, heeft betoogd dat de veiligheidssituatie in Mogadishu recent is verslechterd en om die reden sprake is van een 15c-situatie. Hierop is verweerder in het bestreden besluit niet ingegaan. De verwijzing in het besluit naar de uitspraak van 19 september 2017 acht de rechtbank niet toereikend, nu die uitspraak geen betrekking heeft op de actuele veiligheidssituatie. Daarom is het beroep gegrond. Gelet op het standpunt in het verweerschrift bestaat er aanleiding de rechtsgevolgen in stand te laten. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Mogadishu onder controle staat van Al-Shabaab. Dat Al-Shabaab actief is in Mogadishu maakt dat niet anders. Hoewel uit de door partijen ingeroepen stukken naar voren komt dat de algemene veiligheidssituatie in Mogadishu vanaf 2016 is verslechterd en het aantal incidenten en (burger)slachtoffers is toegenomen, heeft verweerder terecht naar voren gebracht dat het aantal te betreuren burgerslachtoffers, mede gelet op het totale inwoneraantal van Somalië, en Mogadishu in het bijzonder, relatief niet zo hoog is dat gesproken moet worden van een 15c-situatie. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat bij de in de rapporten genoemde aantallen burgerslachtoffers geen onderscheid wordt gemaakt tussen slachtoffers van gericht geweld en willekeurige slachtoffers. Uit de rapporten zelf komt het beeld naar voren dat het geweld voornamelijk gericht is tot bepaalde groepen en niet willekeurig van aard is. Hoewel nog steeds veel aanslagen plaatsvinden waarbij burgers slachtoffer worden en gevechtsmethoden worden gebruikt, die veel slachtoffers maken, blijkt daaruit ook dat het geweld van Al-Shabaab met name is gericht tegen de Somalische autoriteiten. Ook het aantal ontheemden leidt niet tot de conclusie dat zich in Mogadishu de uitzonderlijke situatie als vorenbedoeld voordoet. Hiertoe acht de rechtbank van belang dat uit het ambtsbericht blijkt dat de stroom ontheemden ook het gevolg is van droogte en honger en dat ontheemden in Somalië met name naar grote steden, zoals Mogadishu, trekken, omdat daar hulp wordt verleend. Anders dan in de zaak die ten grondslag lag aan de uitspraak van de Afdeling van 26 januari 2010 (ECLI:NL:RVS:2010:BL1483), waarnaar eiser heeft verwezen, heeft verweerder ter motivering van zijn standpunt dat in Mogadishu geen sprake is van een 15c-situatie, niet volstaan met de enkele stelling dat het aantal burgerslachtoffers geen aanleiding vormt voor het aannemen van zodanige uitzonderlijke situatie. Bij de beoordeling van de situatie in Mogadishu heeft verweerder ook de aantallen gewonden en ontheemden en de aard van het geweld betrokken.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
