ECLI:NL:RBDHA:2018:2680
Rechtbank Den Haag · 05-03-2018 · zaaknummer C/09/547372/ KG RK 18/151
Inhoudsindicatie
Wrakingsverzoek niet tijdig, verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek. Tussen het ontvangen van de uitnodigingsbrief van de zitting, waarin staat vermeld dat de gewraakte rechter zitting heeft in de meervoudige kamer die de zaak van verzoekster behandelt, en het indienen van het wrakingsverzoek is ruim een maand verstreken. Die termijn is te lang om het verzoek nog te kunnen aanmerken als tijdig in de zin van artikel 37, eerste lid, Rv. De door de advocaat van verzoekster daarvoor gegeven verklaring (kerstvakantie en een af en toe moeizame communicatie tussen cliënte en advocaat) doet daaraan niet af. Het karakter van het instituut wraking, dat immers is bedoeld om onmiddellijk een gesignaleerde partijdigheid dan wel de schijn daarvan aan de orde te kunnen stellen, verdraagt zich niet met een dergelijke termijn.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
