ECLI:NL:RBDHA:2018:2677
Rechtbank Den Haag · 05-03-2018 · zaaknummer C/09/547860/ KG RK 18-202
Inhoudsindicatie
Wrakingsverzoek niet tijdig, verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek. De wrakingskamer acht het op zich voorstelbaar dat een negatieve ervaring op zitting ertoe kan leiden dat na de zitting kort overleg noodzakelijk is om (alsnog) een wrakingsverzoek in te dienen. Echter, nog daargelaten dat door verzoeker onvoldoende consistent is onderbouwd waarom in dit geval de verlate indiening noodzakelijk en dus verschoonbaar was, zijn de omstandigheden in deze zaak naar het oordeel van de wrakingskamer in elk geval niet dusdanig dat deze een tijdsverloop van zeven dagen van de datum van de zitting tot de datum van indiening van het wrakingsverzoek rechtvaardigen. Verzoekers juridisch adviseur was immers tijdens de zitting van de politierechter aanwezig en dus heeft verzoeker zowel tijdens de zitting als direct daarna de gelegenheid gehad overleg te voeren over een in te dienen wrakingsverzoek. Het karakter van het instituut wraking (dat immers is bedoeld om onmiddellijk een gesignaleerde partijdigheid dan wel de schijn daarvan aan de orde te kunnen stellen) verdraagt zich onder de genoemde omstandigheden dan ook niet met een tijdsverloop van zeven dagen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Officier van justitie
- J. Eelman
officier van justitie
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
