ECLI:NL:RBDHA:2018:2164
Rechtbank Den Haag · 21-02-2018 · zaaknummer C-09-520537-HA ZA 16-1198
Inhoudsindicatie
en in vrijwaringszaak c-09-526749-HA ZA 17-156. CMR vervoer van Zweden naar Nederland. Lading is op de weg gevallen bij een eenzijdig ongeval. Hoofdzaak tussen hoofdvervoerder en papieren vervoerder en vrijwaringszaak tussen papieren vervoerder en feitelijk vervoerder. In de hoofdzaak staat niet ter discussie dat de vordering van de hoofdvervoerder niet voldoet aan de eisen van artikel 37 CMR. De hoofdvervoerder hoeft zich echter niet te laten leiden door deze bepaling, maar kan evenzeer als afzender een vordering tegen de papieren vervoerder instellen. Toewijzing vordering, waartegen geen ander verweer is gevoerd. In de vrijwaringszaak wordt het verleende verstek herroepen omdat inmiddels is gebleken dat betekening niet heeft plaatsgehad op een adres waar de feitelijk vervoerder ten tijde van de betekening ingeschreven stond dan wel verbleef en evenmin anderszins kan worden vastgesteld dat de dagvaarding de feitelijk vervoerder heeft bereikt. Het betoog dat het in stand laten van deze verstekverlening geen onredelijke benadeling inhoudt van de feitelijk vervoerder omdat de advocaten van diens verzekeraars verweer kunnen voeren, gaat eraan voorbij dat deze advocaten zich zonder instructie van de feitelijk vervoerder – die zij niet hebben kunnen bereiken – niet kunnen stellen in deze procedure. Bevel om de dagvaarding bij herstelexploot opnieuw uit te brengen.
Rechters
Advocaten
- A.B.W. Volmacht
- C.M. Koevoet
- M.A.R.C. Padberg
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
