ECLI:NL:RBDHA:2018:12284
Rechtbank Den Haag · 28-09-2018 · zaaknummer AWB - 18 _ 425
Inhoudsindicatie
Eiseressen, moeder en dochter, beogen met hun beroepen een duurzaam verblijfsrecht op grond van artikel 9, tweede lid, van de VW 2000. Zij stellen dit recht te kunnen verkrijgen als gevolg van het aan hun ander dochter en zus ontleende c.q. te ontlenen en meer dan vijf jaar durende verblijfsrecht op grond van het artikel 20 van het VWEU (naar aanleiding van het arrest Chavez-Vilchez, ECLI:EU:C:2017:354). De rechtbank volgt eiseressen hierin niet. De rechtbank verwijst hierbij naar de uitspraak van de Afdeling van 2 mei 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:1490). Hieruit volgt dat het afgeleide verblijfsrecht op grond van artikel 20 van het VWEU niet kan worden aangemerkt als rechtmatig verblijf dat in aanmerking kan worden genomen voor de verkrijging van het duurzaam verblijfsrecht.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
