ECLI:NL:RBDHA:2017:7163
Rechtbank Den Haag · 01-06-2017 · zaaknummer AWB 17/9621 & 17/9622
Inhoudsindicatie
Asiel, geen gebruik gemaakt van registertolk, Wet Dwangsom Niet in geschil is dat verweerder bij het eerste gehoor en het nader gehoor gebruik heeft gemaakt van een niet-beëdigde tolk en dat het register voor de Arabische taal voldoende beëdigde tolken bevatte. Evenmin is in geschil dat verweerder heeft gehandeld in strijd met artikel 28 Wbtv, omdat hij niet in de verslagen van die gehoren noch in het bestreden besluit deugdelijk heeft gemotiveerd waarom wegens de vereiste spoed geen van de beëdigde tolken beschikbaar was. Verweerder heeft, anders dan in de zaak die heeft geleid tot de uitspraak van de Afdeling van 19 februari 2013, niet alsnog een op grond van artikel 28, vierde lid, Wbtv vereiste deugdelijke motivering gegeven. Gelet op het belang dat de wetgever blijkens de memorie van toelichting bij de Wbtv heeft gehecht aan het waarborgen van de kwaliteit en integriteit van de tolken en daarmee aan de afnameverplichting van beëdigde tolken, ziet de rechtbank daarnaast geen aanleiding de schending door verweerder van artikel 28, vierde lid, Wbtv met toepassing van artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) te passeren op grond van het betoog van verweerder dat niet is gebleken dat eiser in zijn belangen is geschaad door het gebruik van een niet-beëdigde tolk zonder dat verweerder daarvoor een deugdelijke reden heeft gegeven. Daarmee zou afbreuk worden gedaan aan de waarborgen die de Wbtv juist beoogd te bieden. Dat verweerder ook kwaliteitseisen stelt aan niet-beëdigde tolken, maakt dat niet anders. Daarbij komt dat, ervan uitgaande dat verweerder niet zorgvuldig met zijn afnameverplichting is omgegaan en gelet op de aard van die schending, er geen grond is voor de conclusie dat aannemelijk is dat eiser daardoor niet is benadeeld. Zo heeft eiser betoogd dat verweerder bij de tegenwerping van een aantal tegenstrijdigheden in zijn verklaringen is uitgegaan van verklaringen van eiser over data die mogelijk door de tolk verkeerd zijn vertaald of begrepen. Niet is vast te stellen of de verklaringen van eiser door tussenkomst van de tolk correct zijn weergegeven in de verslagen van het eerste en het nader gehoor, en dus of eiser die verklaringen in zijn correcties en aanvullingen terecht heeft gecorrigeerd, en of eventuele misverstanden zijn te wijten aan de kwaliteit of de integriteit van de tolk. Dat uit de verslagen van de gehoren niet kan worden opgemaakt dat misverstanden zijn ontstaan tussen eiser en de tolk, maakt dat niet anders. Eiser voert daarnaast aan dat verweerder zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat hij geen dwangsom is verschuldigd wegens het overschrijden van de wettelijke beslistermijn. Volgens eiser heeft verweerder ten onrechte toepassing gegeven aan artikel 4:17, zesde lid, aanhef en onder c, Awb, om de enkele reden dat hij zijn aanvraag heeft afgewezen als kennelijk ongegrond. De beroepsgrond slaagt. Blijkens Werkinstructie 2013/17 van de IND, hetgeen ook blijkt uit de memorie van toelichting bij artikel 4:17 Awb, heeft het bepaalde in artikel 4:17, zesde lid, aanhef en onder c, Awb vooral tot doel het voorkomen van misbruik. Het is immers niet de bedoeling dat de dwangsomregeling tot gevolg heeft dat het lucratief wordt om maar zoveel mogelijk beschikkingen aan te vragen en bezwaren in te dienen in de hoop dat er zo hier en daar wel een – met dit soort aanvragen en bezwaren overladen – bestuursorgaan niet tijdig zal kunnen beslissen. Van een dergelijk misbruik is in dit geval niet gebleken en is voorts moeilijk te verenigen met het karakter van een asielaanvraag.
Rechters
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
