Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2017:6201

Rechtbank Den Haag · 29-05-2017 · zaaknummer NL17.2027 en NL17.2027

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 09-06-2017
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiser voert aan dat, gelet op zijn gedrag en (mogelijke) psychose, aan zijn verklaringen tijdens het gehoor geen waarde kan worden gehecht. Artikel 5, tweede lid, sub b, Dublinverordening kan dan ook niet worden toegepast. Verweerder stelt zich op het standpunt dat hij met betrekking tot het horen van eiser zorgvuldig heeft gehandeld. Het gehoor voldoet aan de vereisten van artikel 5 Verordening. De rechtbank is van oordeel dat geen sprake is geweest van een persoonlijk onderhoud als bedoeld in artikel 5, eerste lid, Dublinverordening omdat niet vast staat of eiser de hem verstrekte informatie overeenkomstig artikel 4 Dublinverordening juist heeft begrepen. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat eiser ten tijde van het afnemen van het gehoor al op de bijzondere zorgafdeling van het detentiecentrum verbleef, waaruit kan worden opgemaakt dat eiser destijds al psychische problemen had. Weliswaar is er geen FMMU-rapport tot stand gekomen omdat eiser daaraan niet wilde meewerken, maar het had, gelet op eisers verblijf op de bijzondere zorgafdeling en de door de gemachtigde van eiser geuite zorgen, wel op de weg van de FMMU en de hoormedewerker(s) gelegen om te informeren bij de bijzondere zorgafdeling van het detentiecentrum dan wel, later, Veldzicht, over de psychische toestand van eiser. In Veldzicht is bij eiser een diagnose gesteld. Zoals volgt uit de e-mail van Veldzicht aan gemachtigde van 17 mei 2017 is bij eiser sprake van een psychotische kwetsbaarheid, mogelijk van een schizofrene ontwikkeling. Voorts blijkt uit de e-mail dat eiser goed is ingesteld op antipsychotische medicatie die hij trouw en vrijwillig gebruikt waardoor hij thans stabiel functioneert. Ten tijde van het gehoor was eiser echter nog niet ingesteld op medicatie. De vraag is daarom in hoeverre hij in staat was om tijdens het gehoor antwoord te geven op vragen en of hij de uitleg van verweerder heeft kunnen begrijpen. Het vermoeden dat hij hiertoe niet in staat was, wordt versterkt door de gang van zaken tijdens het gehoor. Immers, uit het verslag van het gehoor volgt dat eiser op vele vragen niet wilde antwoorden en enkel lachte. Daarnaast heeft gemachtigde verklaard ter zitting – en de rechtbank heeft geen reden daaraan te twijfelen – dat de hoormedewerker aan haar heeft meegedeeld dat het gehoor was afgebroken, omdat met eiser geen zinnig gesprek te voeren was. Dat het gehoor is afgebroken, blijkt echter niet uit het verslag van gehoor. Gelet op het voorgaande dient verweerder eiser opnieuw dient te horen, met inachtneming van zijn medische situatie.

Rechters

Advocaten

  • L.B. Vellenga-van Nieuwkerk

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.