Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2017:4030

Rechtbank Den Haag · 31-03-2017 · zaaknummer AWB 16/30229 en AWB 16/30230

BestuursrechtGepubliceerd 20-04-2017
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Zoals ook de voorzieningenrechter heeft overwogen, is de rechtbank van oordeel dat het huwelijk tussen eiseres en referent een rechtens relevant novum is, omdat dit in de vorige procedure nog niet was gesloten en niet zonder meer duidelijk is dat het huwelijk niet kan afdoen aan het eerdere afwijzende besluit. Doordat eiseres en referent in het huwelijk zijn getreden is allereerst sprake van een ander toetsingskader dan ten tijde van de eerdere procedure. Aan gehuwden wordt namelijk niet de eis gesteld dat sprake is van een duurzame en exclusieve relatie. Voor de beantwoording van de vraag of sprake is van een schijnhuwelijk, is het oogmerk bij het aangaan van het huwelijk bepalend. Uit de considerans van de Verblijfsrichtlijn volgt dat lidstaten maatregelen mogen treffen om misbruik en fraude, met name schijnhuwelijken, tegen te gaan. Dit laat echter onverlet dat verweerder daar dan wel een individueel onderzoek naar moet doen. Verweerder mag in dat kader betrekken dat in de eerdere procedure is geoordeeld dat eiseres er toen niet in was geslaagd aannemelijk te maken dat sprake was van een duurzame en exclusieve relatie, maar dit is niet voldoende voor de conclusie dat het later gesloten huwelijk dus een schijnhuwelijk betreft. Er valt immers niet uit te sluiten dat, nadat in rechte is vastgesteld dat sprake is van een schijnrelatie, nadien alsnog een oprechte relatie is ontstaan die heeft geleid tot het huwelijk. Aan het bestreden besluit kleeft een motiveringsgebrek. Nu eiseres ter zitting heeft gesteld dat zij door het overleggen van diverse stukken (zoals bonnen van boodschappen, gezamenlijke vakanties etc.) kan aantonen dat het huwelijk gestoeld is op een daadwerkelijke relatie, zal verweerder haar daartoe in de gelegenheid moeten stellen en deze stukken moeten betrekken in het onderzoek naar het oogmerk van het gesloten huwelijk. Dat eiseres deze stukken niet eerder heeft overgelegd, maakt dit in dit geval niet anders. Eiseres mocht ervan uit gaan dat verweerder aan de opdracht van de voorzieningenrechter, om haar in de bezwaarprocedure te horen, zou voldoen.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.