ECLI:NL:RBDHA:2017:252
Rechtbank Den Haag · 12-01-2017 · zaaknummer 09/827627-16
Inhoudsindicatie
De rechtbank in Den Haag heeft op 12 januari 2016 bewezen verklaart dat de 39-jarige verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een poging doodslag. Het ging om een confrontatie op (adres) te Den Haag. Verdachte heeft het slachtoffer tweemaal met kracht met een mes in het bovenlichaam gestoken. Hierdoor heeft het slachtoffer ernstig letsel opgelopen. Vervolgens is verdachte nog enige tijd dreigend achter het slachtoffer aangelopen waarbij hij met het mes bleef zwaaien. Deze situatie moet voor het slachtoffer zeer bedreigend zijn geweest. Verdacht had gezegd dat er sprake was van noodweer of zelfverdediging. De rechtbank heeft dat verweer afgewezen omdat het juist het slachtoffer was dat zich bedreigd voelde. Het slachtoffer had nog voor het toesteken de politie gebeld. De medische gevolgen voor het slachtoffer zijn meegevallen. Verdachte heeft geweigerd zich te laten onderzoeken door psychiater en psycholoog. De rechtbank heeft een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vier jaren opgelegd. Daarnaast moet de veroordeelde aan het slachtoffer een smartengeld van € 1.500 betalen en een deel van de materiële schade.
Advocaten
Officier van justitie
- L.A. van der Leeuw
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
