ECLI:NL:RBDHA:2017:16703
Rechtbank Den Haag · 07-09-2017 · zaaknummer AWB 17/7815
Inhoudsindicatie
gestelde bekering, verklaringen van derden, bewijsstukken, (aanvullende) waarde Uit het arrest van het EHRM in de zaak Maaouia tegen Frankrijk van 5 oktober 2000 volgt dat procedures over de binnenkomst, het verblijf en de uitzetting van vreemdelingen niet vallen binnen het bereik van artikel 6 EVRM. Echter, uit vaste jurisprudentie van de Afdeling, onder ander de uitspraken van 19 april 2012 en van 30 juni 2017 betekent dit niet dat aan de in deze bepalingen vervatte waarborgen geen betekenis toekomt, voor zover het betreft de aan een rechtsprekend orgaan en aan de door dat orgaan gevolgde procedures te stellen eisen. Het recht op een eerlijk proces, waaronder begrepen het recht op gelijke proceskansen (equality of arms) en het recht op een procedure op tegenspraak (adversarial proceedings), als algemeen aanvaard rechtsbeginsel, dat aan artikel 6 EVRM mede ten grondslag ligt, geldt immers evenzeer binnen de nationale rechtsorde en evenzeer los van die verdragsbepaling. Zoals het EHRM heeft overwogen in het arrest van 8 oktober 2015 in de zaak Korošec tegen Slovenië is de kern van het beginsel van equality of arms erin gelegen dat tussen partijen evenwicht moet bestaan met betrekking tot de mogelijkheid om bewijsmateriaal aan te dragen. Dit stelt de bestuursrechter in staat om een onafhankelijk en onpartijdig oordeel te geven. Het feit dat vragen met betrekking tot de totstandkoming, de objectiviteit en het waarheidsgehalte van het uitgebrachte individueel ambtsbericht in de asielprocedure aan de orde kunnen worden gesteld, neemt niet weg dat ook substantiële waarde toekomt aan het specifieke belang van eisers bij een eerlijk proces en gelijke proceskansen. Het door verzoeker op verzoek van verweerder uitgebrachte individueel ambtsbericht is een deskundigenbericht. Verweerder heeft zich ingevolge artikel 3:2 Awb er van vergewist dat het ambtsbericht – naar wijze van totstandkoming – zorgvuldig en – naar inhoud – inzichtelijk en concludent is. De rechtbank moet er bij deze stand van zaken voorshands van uitgaan dat eisers de conclusies uit het individueel ambtsbericht niet anders dan door een contra-expertise zullen kunnen bestrijden. Nu verzoeker niet heeft bestreden dat het registratienummer onontbeerlijk is om een contra-expertise te laten verrichten, wordt eisers een essentieel bewijsmiddel ontnomen indien het verzoek om beperkte kennisneming ook ten aanzien van het nummer van registratie en de plaats van registratie zou worden gehonoreerd. De rechtbank overweegt daarom dat in dit specifieke geval het belang van eisers bij een eerlijke proces met gelijke proceskansen dient te prevaleren.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
