ECLI:NL:RBDHA:2017:16341
Rechtbank Den Haag · 13-11-2017 · zaaknummer C/09/539238 /KG RK 17-1545
Inhoudsindicatie
Het door verzoeker naar voren gebrachte verschil in bejegening van partijen brengt naar het oordeel van de wrakingskamer niet de schijn van partijdigheid met zich mee. De omstandigheid dat namens verweerder drie gemachtigden ter zitting zijn verschenen, maakt dat er noodzaak bestond om vast te stellen wie er waren verschenen. Verzoeker daarentegen is alleen verschenen, waardoor ook zonder nadere toelichting bekend was wie hij was. Het overige in dit verband aangevoerde is door verzoeker niet, dan wel onvoldoende onderbouwd om tot een geslaagde wraking te kunnen leiden. De omstandigheid dat de bestuursrechter voordat de door verzoeker gewenste getuigen zijn gehoord, is ook onvoldoende voor een geslaagde wraking. Nu de bestuursrechter uitdrukkelijk de mogelijkheid van heropening van het onderzoek heeft geboden voor het horen van deze getuigen, kan niet worden volgehouden dat sprake is van enige schijn van partijdigheid. Tot slot kan noch uit het uitgebreide proces-verbaal van de zitting noch uit de door verzoeker toegevoegde correcties en aanvullingen, wat hier verder ook van zij, de conclusie worden getrokken dat tenminste de schijn van partijdigheid is gewekt. Het wrakingsverzoek wordt dan ook afgewezen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
