ECLI:NL:RBDHA:2017:16015
Rechtbank Den Haag · 20-10-2017 · zaaknummer AWB 17/8657
Inhoudsindicatie
De verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is ingetrokken en er is een inreisverbod opgelegd voor de duur van tien jaar vanwege de veroordeling van eiser wegens meerdere misdrijven. Of de verleende verblijfsvergunning terecht is ingetrokken wordt getoetst in het kader van het inreisverbod. De gronden tegen de intrekking worden beoordeeld alsof ze deel uitmaken van de gronden gericht tegen het inreisverbod. Eiser is aan te merken als een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging die een fundamenteel belang van de samenleving aantast. Er is geen sprake van schending van artikel 3 van het EVRM bij terugkeer naar Somalië. Het feit dat eiser verwesterd zou zijn, is hiertoe onvoldoende. Ook is niet aannemelijk dat eiser in een ontheemdenkamp terecht zal komen. Verder is er geen sprake van schending van artikel 8 van het EVRM. Er is geen sprake van familie- of gezinsleven en de inmenging in het privéleven is gerechtvaardigd. Het beroep tegen het inreisverbod is ongegrond en het beroep tegen de intrekking is niet-ontvankelijk.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
