Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2017:15466

Rechtbank Den Haag · 28-11-2017 · zaaknummer AWB 17/3946 VK

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 02-01-2018
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

intrekking verblijfsvergunning regulier onbepaalde tijd, herhaaldelijk veroordeeld voor diverse misdrijven, zwaar inreisverbod 5 jaar, gezins- en privéleven artikel 3.86 Vb, artikel 3.98 Vb, artikel 66a, zevende lid, Vw, artikel 8 EVRM Eiser heeft meer dan 30 jaar rechtmatig in Nederland verbleven. Eiser heeft vanaf 1989 tot en met 15 juni 2013 33 keer misdrijven gepleegd en heeft daarvoor 63 maanden detentie opgelegd gekregen. Verweerder heeft de aan eiser verleende verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd ingetrokken op grond van artikel 22, tweede lid, aanhef en onder c, Vreemdelingenwet 2000 (Vw) met terugwerkende kracht tot 15 juni 2013 en heeft aan eiser een inreisverbod voor 5 jaren uitgevaardigd. Er is voldaan aan de criteria om de verblijfsvergunning met toepassing van de glijdende schaal in te trekken. Verweerder had bij het opleggen van een inreisverbod, ook indien sprake is van een inreisverbod op grond van artikel 66a, zevende lid, onder a, van de Vw, moeten toetsen of het persoonlijke gedrag van de vreemdeling een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging vormt die een fundamenteel belang van de samenleving aantast (criteria arrest Z.Zh en I.O.). Verweerder heeft in het bestreden besluit, voor zover dit betrekking heeft op het uitvaardigen van het inreisverbod, ten onrechte niet gemotiveerd waarom naar zijn oordeel in dit geval sprake is van een gevaar voor de openbare orde in de zin van dat arrest. Deze beroepsgrond slaagt. Gelet hierop is het beroep voor zover gericht tegen het inreisverbod, gegrond en dient het bestreden besluit op dit punt te worden vernietigd wegens strijd met artikelen 3:2 en 7:12 van de Awb. De rechtbank ziet echter aanleiding om de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand te laten, omdat verweerder - materieel gezien - wel de aspecten die een rol spelen bij de toetsing aan het openbare orde criterium zoals genoemd in het arrest Z.Zh. en I.O. heeft betrokken en beoordeeld in het kader van de belangenafweging van artikel 8 van het EVRM. Verweerder heeft – hoewel ten onrechte niet (ook) in het kader van het inreisverbod – deugdelijk gemotiveerd dat eiser ook thans een werkelijk, actueel en voldoende ernstig gevaar voor de openbare orde vormt zoals bedoeld in het arrest Z.Zh en I.O. Er is geen sprake van een beschermenswaardig familieleven. Voorts is geen sprake van een schending van eisers recht op privéleven als bedoeld in artikel 8 van het EVRM. Beroep voor zover gericht tegen intrekking verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd is niet-ontvankelijk.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

    verweerder · overheid

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Overheidspartijen

  • Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.