ECLI:NL:RBDHA:2017:11566
Rechtbank Den Haag · 06-10-2017 · zaaknummer AWB - 17 _ 2887
Inhoudsindicatie
Eiser is huurder van de woning [adres 1] te [plaats 1] (hierna: de huurwoning). Eiser staat samen met zijn echtgenote ingeschreven op dit adres in de basisregistratie personen. Eiser en zijn echtgenote zijn eigenaar van een recreatiewoning gelegen aan de [adres 2] te [plaats 2] (hierna: de koopwoning). In zijn aangifte IB/PVV voor het jaar 2014 heeft eiser voor de koopwoning een bedrag van € 346 als eigenwoningforfait aangegeven en een bedrag van € 5.901 voor betaalde rente en kosten van geldleningen ter zake van de koopwoning in aftrek gebracht. Verweerder is bij het vaststellen van de aanslag wat betreft het vorenstaande afgeweken van de aangifte en heeft de eigenwoningregeling niet van toepassing geacht op de koopwoning. In geschil is of de koopwoning voor eiser in het onderhavige jaar kan worden aangemerkt als een eigen woning in de zin van artikel 3.111 van de Wet inkomstenbelasting 2001 (de Wet), welke vraag eiser bevestigend beantwoordt en verweerder ontkennend beantwoordt. De rechtbank is gegeven de vaststaande feiten en al hetgeen partijen over en weer hebben gesteld en aangevoerd, van oordeel dat het zwaartepunt van eisers leven zich afspeelt in [plaats 1] en omgeving. De rechtbank is daarom van oordeel dat de koopwoning niet als eigen woning in de zin van artikel 3.111, eerste lid, van de Wet kan worden aangemerkt. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
