ECLI:NL:RBDHA:2017:10992
Rechtbank Den Haag · 26-09-2017 · zaaknummer 17 / 4566
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft de verblijfsvergunning asiel van eiser met terugwerkende kracht ingetrokken omdat eiser een gevaar vormt voor de openbare orde. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder hier niet toe kunnen overgaan, omdat verweerder een onjuiste uitleg geeft aan het begrip ‘verblijfsduur’ als bedoeld in artikel 3.86 van de Vb 2000. Uit het dossier volgt dat een door eiser na vergunningverlening gepleegd strafbaar feit voor verweerder de aanleiding heeft gevormd om de verblijfsvergunning in te trekken. Ter bepaling van de verblijfsduur had verweerder dan ook uit moeten gaan van de periode van vergunningverlening tot dit gepleegde misdrijf. Een door eiser vóór de vergunningverlening gepleegd – en bij verweerder ook toen al bekend – misdrijf heeft verweerder naar het oordeel van de rechtbank ten onrechte betrokken bij de beoordeling van de verblijfsduur. Zodoende heeft verweerder een onjuiste toepassing gegeven aan de glijdende schaal van artikel 3.86 van het Vb 2000.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
