ECLI:NL:RBDHA:2016:7890
Rechtbank Den Haag · 13-07-2016 · zaaknummer 16_747 IB/PVV
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft vanwege de afkoop van een lijfrente bij beschikking revisierente in rekening gebracht. Niet in geschil is dat de wettelijke bepalingen (artikel 3.133 van de Wet inkomstenbelasting en artikel 30i Awr) juist zijn toegepast. Aangezien revisierente bedoeld is om een timing-voordeel teniet te doen dat losstaat van daadwerkelijk behaald rendement, kan de rechtbank eiser niet volgen in zijn stelling dat de revisierente willekeurig of disproportioneel is. Ook de wettelijke tegenbewijsregeling, die om doelmatigheidsredenen is gekoppeld aan een termijn van 10 jaar, is niet willekeurig. Ook het beroep dat eiser doet op het gelijkheidsbeginsel kan niet slagen. Dat gelijke gevallen verschillend behandeld worden is gesteld noch gebleken. Strijdigheid met het Eerste Protocol van het EVRM is de rechtbank evenmin gebleken. Revisierente streeft een legitiem doel na waarbij sprake is van een behoorlijk evenwicht tussen algemeen belang en het belang van eiser. De regeling is ook voldoende precies, toegankelijk en voorzienbaar. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
