ECLI:NL:RBDHA:2016:4159
Rechtbank Den Haag · 04-03-2016 · zaaknummer AWB 16/2260
Inhoudsindicatie
Verzoeker wordt, gelet op zijn verklaringen over gewelddadige operaties van het Venezolaanse leger die ook worden ondersteund door verschillende openbare bronnen, in verband gebracht met moord. Niet in geschil is dat van de zijde van verzoeker sprake is van ‘knowing participation’ en ‘personal participation’ ten aanzien van gedragingen tijdens die militaire operaties die vallen onder artikel 1(F), aanhef en onder b, van het Vv. Verzoeker stelt dat zijn gedragingen hem niet kunnen worden aangerekend omdat er sprake was van overmacht en hij aan de operaties meedeed onder fysieke en psychische dwang. Verzoeker voert aan dat hij als deserteur bij gedwongen terugkeer naar Venezuela zal worden blootgesteld aan een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het beroep zich niet leent voor een enkelvoudige behandeling binnen een korte uitspraaktermijn en verwijst het door naar de meervoudige kamer en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
