ECLI:NL:RBDHA:2016:4119
Rechtbank Den Haag · 07-04-2016 · zaaknummer AWB - 16 _ 430
Inhoudsindicatie
In geschil is of met betrekking tot de door eiser verrichte (. . .)activiteiten sprake is van een bron van inkomen. Het geschil spitst zich toe op de vraag of uit de activiteiten redelijkerwijs een voordeel was te verwachten. Aangezien eiser sinds de start van de activiteiten daarmee in geen enkel jaar een positief resultaat heeft behaald, zo ook niet in het onderhavige jaar, brengt een redelijke verdeling van de bewijslast mee dat eiser de feiten en omstandigheden aannemelijk dient te maken die de conclusie rechtvaardigen dat sprake is van een objectieve voordeelsverwachting. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat in de toekomst uit de activiteiten een positieve opbrengst is te verwachten. In het onderhavige jaar is er geen sprake van een objectieve voordeelsverwachting. De activiteiten vormen derhalve geen bron van inkomen en het negatieve resultaat daaruit kan mitsdien niet in aanmerking worden genomen. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
