Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2016:16890

Rechtbank Den Haag · 23-11-2016 · zaaknummer AWB 16/6954

BestuursrechtGepubliceerd 07-03-2017
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat er ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat eiser zich schuldig heeft gemaakt aan gedragingen als bedoeld in artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag. Daarbij heeft verweerder de door eiser genoemde ‘verhoormethoden’ terecht aangemerkt als absolute niet-politieke misdrijven zoals bedoeld in artikel 1(F), aanhef en onder b, Vluchtelingenverdrag en dat eiser door het brengen naar, bewaken tijdens en terugbrengen van verdachten na de gehoren een wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan de gepleegde misdrijven. Eiser heeft door zijn rol de misdrijven gefaciliteerd, zodat sprake is van ‘personal participation’. Gelet op het feit dat eiser heeft verklaard dat hij tijdens de gehoren gesprekken kon volgen, mensen hoorde schreeuwen en geluiden van marteling hoorde en dat hij na afloop bij verdachten sporen van geweld zag, heeft verweerder zich eveneens terecht op het standpunt gesteld dat bij eiser sprake is geweest van ‘knowing participation’. Voorts was verweerder niet gehouden om in het geval van een situatie zoals bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van Definitierichtlijn nader in te gaan op de aangevoerde individuele omstandigheden in het kader van artikel 3 EVRM. Tot slot heeft verweerder deugdelijk onderbouwd dat eiser een werkelijke, actuele en voldoende ernstige bedreiging vormt die een fundamenteel belang van de samenleving aantast, zodat verweerder terecht een zwaar inreisverbod aan eiser heeft opgelegd. In dat kader acht de rechtbank van belang dat de door eiser gepleegde misdrijven een aanzienlijke periode beslaan, namelijk van 2008 tot en met mei 2015. Voorts is het tijdsverloop sindsdien zeer beperkt.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.