ECLI:NL:RBDHA:2016:16877
Rechtbank Den Haag · 21-12-2016 · zaaknummer AWB 15/13331
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft eiser ongewenst verklaard op grond van artikel 67, eerste lid, aanhef en onder c, van de Vw 2000. Eiser beschikt over een door de Duitse autoriteiten afgegeven verblijfsdocument en had ook ten tijde van belang rechtmatig verblijf in Duitsland. Ten tijde van de ongewenstverklaring was eiser strafrechtelijk gedetineerd in Nederland. Eiser is een derdelander die illegaal in Nederland verblijft en voldoet aan artikel 2, eerste lid, van de Terugkeerrichtlijn. De rechtbank heeft bij uitspraak van 20 december 2016 in de zaak met nummer AWB 16/5214 (ECLI:NL:RBDHA:2016:15817) geoordeeld dat verweerder geen ongewenstverklaring kan uitvaardigen tegen een illegaal op het grondgebied van een lidstaat verblijvende derdelander. De rechtbank oordeelt daarom dat verweerder eiser niet ongewenst heeft kunnen verklaren. Het bestreden besluit is dan ook genomen in strijd met de artikelen 62a, eerste lid, aanhef en onder b, en het derde lid, en artikel 67, van de Vw 2000 en 7:12, eerste lid, van de Awb. Het beroep is gegrond en de rechtbank vernietigt het bestreden besluit.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
