ECLI:NL:RBDHA:2016:15512
Rechtbank Den Haag · 19-12-2016 · zaaknummer NL16.2779
Inhoudsindicatie
De algemene werkwijze van (nadere) motivering door verweerder van de aanwijzing als veilig land van herkomst verdient geen schoonheidsprijs en kan leiden tot rechtsongelijkheid. De rechtbank oordeelt dat de aanvullende en geactualiseerde motivering door verweerder van de aanwijzing van Mongolië als veilig land van herkomst, zoals weergegeven in het bestreden besluit, het verweerschrift en de toelichting ter zitting, een genoegzame onderbouwing is voor het standpunt dat in Mongolië het systeem van rechtsmiddelen in het algemeen voldoende waarborgen biedt tegen schendingen van rechten en vrijheden. Gelet op uitspraak van de Afdeling van 14 september 2016 moet de rechtbank concluderen dat het verweerder is toegestaan om de motivering die ten tijde van de aanwijzing van Mongolië als veilig land van herkomst is gegeven nader aan te vullen in een schriftelijk stuk. In het onderhavige geval heeft verweerder deze nadere toelichting ook in het verweerschrift van 21 oktober 2016 gegeven. Naar het oordeel van deze rechtbank verdient deze wijze van (nader) motiveren geen schoonheidsprijs. Immers, niet valt in te zien dat de thans in het bestreden besluit, verweerschrift en toelichting ter zitting gegeven nadere motivering niet reeds ten tijde van de aanwijzing van Mongolië als veilig land van herkomst had kunnen worden gegeven, zeker gezien de data waarop de thans gebruikte stukken zijn gepubliceerd. De bedoeling is dat deze aanwijzing op zich reeds afdoende wordt gemotiveerd. Door voormelde werkwijze van verweerder wordt een nadere motivering alleen noodzakelijk en gegeven als een concrete beroepsgrond in een individuele zaak daarom vraagt. Dit verdraagt zich moeilijk met de opvatting dat de aanwijzing voldoende moet zijn gemotiveerd omdat het een uitgangspunt is bij de beoordeling van alle asielaanvragen uit het betreffende land. Deze werkwijze kan ook tot gevolg hebben dat de rechtbank in de ene zaak oordeelt dat de aanwijzing van een land als veilig land van herkomst afdoende is gemotiveerd, terwijl dezelfde rechtbank in een andere zaak bij minder goed gemotiveerde besluiten en/of beter gemotiveerde beroepsgronden die aanwijzing niet accordeert. Dit wringt als de gedachte moet zijn dat de staatssecretaris een algemeen uitgangspunt formuleert voor de beoordeling of een land als veilig land van herkomst wordt aangemerkt. De werkwijze die verweerder thans hanteert als het gaat om het motiveren van het aanmerken van een land als veilig, acht deze rechtbank derhalve uiterst onwenselijk nu dit kan leiden tot rechtsongelijkheid. Of verweerder uit mag gaan van de presumptie dat een land van herkomst veilig is, is dan immers afhankelijk van de kwaliteit van een concreet besluit en de kwaliteit van de wijze van opkomen hiertegen, terwijl naar het oordeel van de rechtbank de beoordeling of het betreffende land een veilig land van herkomst is alleen kan wijzigen als de omstandigheden in dat land veranderen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
[eiseres]
eiseres · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
