Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2016:14566

Rechtbank Den Haag · 23-09-2016 · zaaknummer AWB 16/12725 (beroep), AWB 16/12726 (voorlopige voorziening)

BestuursrechtGepubliceerd 01-12-2016
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiser heeft op 29 augustus 2013 om uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van de Vw 2000 verzocht. Dit is afgewezen en eisers bezwaar hiertegen is ongegrond verklaard. Het hiertegen ingestelde beroep is door de rechtbank tot tweemaal toe gegrond verklaard bij uitspraken van 19 december 2014 en 4 augustus 2015. Verweerder heeft bij besluit van 9 juni 2016 het bezwaar van eiser opnieuw ongegrond verklaard. De rechtbank is met eiser van oordeel dat verweerder nog steeds niet heeft voldaan aan de uitspraak van 19 december 2014. Het BMA-advies van 2 juni 2016 is onvoldoende gericht en specifiek. Uit het advies volgt niet onomstotelijk wie verantwoordelijk is voor het beschikken over voldoende medicijnen bij uitzetting en de eerste tijd daarna. In het kader van de finale geschilbeslechting ziet de rechtbank aanleiding om zelf in de zaak te voorzien. De rechtbank acht hierbij het volgende van belang. Uit het laatste aanvullende BMA-advies blijkt dat het BMA niet wil voldoen aan de opdracht van de rechtbank. Hierdoor is het niet opportuun te verwachten dat het BMA bij een volgend advies wel opeens aan de uitspraak van de rechtbank wil voldoen. Indien de verantwoordelijkheid niet uitdrukkelijk bij verweerder wordt gelegd, bestaat het risico dat eiser na de uitzetting in een medische noodsituatie terechtkomt. Daarbij dateert de aanvraag van 29 augustus 2013. Het is wenselijk dat met deze uitspraak een einde komt aan de procedure. De rechtbank zal daarom het bestreden besluit vernietigen, verklaart het bezwaar gegrond, herroept het primaire besluit en bepaalt dat aan eiser uitstel van vertrek wordt verleend voor de duur van één jaar, met ingang van de datum van deze uitspraak.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.