ECLI:NL:RBDHA:2016:11586
Rechtbank Den Haag · 26-07-2016 · zaaknummer AWB 16/8612
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, Vw aan eiser een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend. Eiser voert aan dat verweerder ten onrechte zijn nationaliteit als ‘onbekend’ heeft aangemerkt; hij heeft voldoende aangetoond dat hij staatloos Palestijn is. Nu aan de vaststelling van de nationaliteit verschillende rechtsgevolgen zijn verbonden, is de rechtbank van oordeel dat eiser belang heeft bij een beoordeling van zijn beroep. Verweerder heeft toegelicht dat op grond van de door eiser overgelegde documenten weliswaar geloofwaardig is bevonden dat eiser staatloos Palestijn is, maar dat voor de vaststelling van de staatloosheid meer, authentieke, documenten dienen te worden overgelegd. Eiser heeft aangegeven dat hij niet beschikt over andere documenten dan hij reeds heeft overgelegd. nu een nadere onderbouwing van de staatloosheid ontbreekt, is de rechtbank van oordeel dat dat verweerder op goede gronden niet tot vaststelling van de staatloosheid is overgegaan.
Rechters
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
