ECLI:NL:RBDHA:2015:9167
Rechtbank Den Haag · 31-07-2015 · zaaknummer AWB 15/8900
Inhoudsindicatie
Vreemdelingenbewaring, redelijke termijn voortduring bewaring na gegrond asielberoep. De rechtbank overweegt dat verweerder enige tijd gegund moet worden met betrekking tot de vraag of voortzetting van de maatregel is geïndiceerd indien het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag gegrond is verklaard. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat in de uitspraak in de asielprocedure is geoordeeld dat het bestreden asielbesluit is genomen in strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel en dat verweerder een belangenafweging moet maken ten aanzien van de voorzetting van de vrijheidsontnemende maatregel. In dit geval heeft verweerder zestien dagen gewacht met de opheffing van de maatregel. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op het feit dat hier gaat om vrijheidsontneming, een ingrijpende maatregel, een termijn van zestien dagen in het algemeen als onredelijk lang dient te worden bestempeld. Verweerder heeft ter zitting ook geen verklaring kunnen geven voor deze lange duur, anders dan dat deze termijn nodig was voor intern overleg en het maken van een belangenafweging. De rechtbank acht in dit geval een termijn van twee dagen na de uitspraak in het asielberoep redelijk. Verweerder heeft ter zitting geen feiten en omstandigheden naar voren gebracht op basis waarvan geoordeeld moet worden dat dit in dit geval niet redelijk zou zijn. Verweerders argument ter zitting dat verweerder behalve een belangenafweging ook moet nadenken over de vraag of hoger beroep dient te worden ingesteld en dat verweerder, gelet op de beroepstermijn, hiervoor één week heeft, volgt de rechtbank niet. Dit is immers geen belang dat bij al dan niet voortzetting van de maatregel kan worden betrokken. Het beroep is gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
