Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2015:8344

Rechtbank Den Haag · 09-06-2015 · zaaknummer AWB 08-34190

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 20-07-2015
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Asiel – Mongolië, aanvraag afgewezen wegens inhoud IAB, contra-expertise biedt geen concrete aanknopingspunten voor twijfel, beroep gegrond vanwege overschrijding redelijke termijn, toekenning schadevergoeding, rechtsgevolgen blijven voor het overige in stand Verweerder heeft de aanvraag van eiser afgewezen omdat uit het IAB blijkt dat het asielrelaas van eiser op een aantal essentiële punten ongeloofwaardig is. Eisers beroepsgrond dat het IAB onvoldoende inzichtelijk is doordat er twee verschillende memoranda aan ten grondslag liggen met daarin verschillende conclusies, slaagt niet. Ook het beroep op artikel 6 van het EVRM slaagt niet nu tegen de uitkomst van het IAB kan worden opgekomen middels een contra-expertise en het aan eiser is om te kiezen tussen een tactisch of technisch onderzoek. De rechtbank is voorts met verweerder van oordeel dat eiser er met de door hem overgelegde contra-expertise onvoldoende in is geslaagd om voldoende twijfel op te roepen aan de juistheid van de resultaten van het onderzoek, neergelegd in het IAB. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij bij terugkeer naar Mongolië een reëel risico loopt op schending van artikel 3 van het EVRM en er is, gelet op de inhoud van het IAB, niet gebleken dat sprake was van een behandeling die tot verlening van asiel op grond van het traumata-beleid had moeten leiden. Het beroep op artikel 8 van het EVRM slaagt niet gelet op de waterscheiding tussen de asiel- en reguliere procedure. Eiser heeft tenslotte verzocht om schadevergoeding op grond van overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank is van oordeel dat de redelijke termijn is overschreden met 9,5 jaar. De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie tot een schadevergoeding van € 1.500,-- en de Staat der Nederlanden tot een schadevergoeding van € 6.500,--.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

  • de Staat der Nederlanden

    verweerder · overheid

  • de staatssecretaris van justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de Staat der Nederlanden

    verweerder

  • de staatssecretaris van justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.