ECLI:NL:RBDHA:2015:456
Rechtbank Den Haag · 20-01-2015 · zaaknummer 09/993018-13
Inhoudsindicatie
Vrijspraak van mensenhandel en uitbuiting. Verdachte dreef verschillende ondernemingen in Nederland die zich toelegden op kleermaken, stomen van kleding en kledingreparatie. Hij zou twee Turkse mannen uitgebuit hebben. Verdachte heeft de twee mannen uit Turkije misleid door een hoger salaris voor te spiegelen dan ze uiteindelijk kregen. Ook dienden de twee mannen vaker over te werken dan was afgesproken. Hoewel de twee mannen de Nederlandse taal niet machtig waren, een schuld van ongeveer € 5.000 aan de verdachte hadden en woonruimte van hem huurden, verkeerden zij niet in een zodanige positie dat zij niet anders konden dan zich alles laten welgevallen. Zij werden op geen enkele wijze belemmerd in hun bewegingsvrijheid. Zo beschikten zij over hun identiteitspapieren en verbleven zij rechtsgeldig in Nederland. Daarnaast kregen de mannen in ieder geval substantiële bedragen betaald voor hun werkzaamheden. Na ongeveer een half jaar is een van de mannen een civiele procedure gestart tegen de verdachte om achterstallig loon uitbetaald te krijgen. De andere man kreeg per maand in ieder geval het minimumloon overgemaakt op zijn bankrekening. Uit het dossier blijkt weliswaar dat de verdachte zijn werknemers heeft misleid, maar blijkt onvoldoende dat verdachte misbruik heeft gemaakt van zijn positie ten opzichte van de twee mannen in die zin dat zij geen andere werkelijke of aanvaardbare keuze hadden dan het misbruik te ondergaan.
Advocaten
- C.E.J. Backer
- M. Boekhoud
Officier van justitie
- C.E.J. Backer
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
