ECLI:NL:RBDHA:2015:16416
Rechtbank Den Haag · 13-07-2015 · zaaknummer C/09/490562/ KG RK 15-1253
Inhoudsindicatie
Afwijzing - Uit het proces-verbaal komt naar voren dat de rechter ter inleiding op het onderzoek ter zitting heeft weergegeven wat op dat moment haar indruk was van het beroepschrift en de overgelegde stukken. De wrakingskamer maakt hieruit op dat de opmerking van de rechter uitsluitend gericht was op het geven van een kader voor het te voeren partijdebat. Niet is gebleken dat verzoeker geen gelegenheid meer zou krijgen tot het uitleggen dan wel het aanvullen van zijn standpunt. Ook is niet gebleken dat de opmerking van de rechter een mondelinge uitspraak – een eindoordeel – betrof, als bedoeld in artikel 8:69 van de Awb. - Geen grond te vrezen dat het de rechter aan onpartijdigheid ontbreekt noch is ten aanzien van haar de schijn van partijdigheid gewekt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Belanghebbende is: de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Overheidspartijen
Belanghebbende is: de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
