ECLI:NL:RBDHA:2015:15985
Rechtbank Den Haag · 18-09-2015 · zaaknummer AWB 15 / 8587
Inhoudsindicatie
Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich, met de motivering zoals die thans is gegeven, niet in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de aangevoerde feiten en omstandigheden niet dermate bijzonder, individueel en onvoorzien zijn dat deze aanleiding zijn voor toepassing van artikel 17 van de Dublin III Verordening. Hierbij zijn de doelstellingen van de Dublinverordening, de gezondheidsklachten van de partner, de belangen van het kind en het gezin als zodanig meegewogen. Het bestreden besluit is mitsdien onvoldoende deugdelijk gemotiveerd. Het beroep is gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
