ECLI:NL:RBDHA:2015:1392
Rechtbank Den Haag · 06-02-2015 · zaaknummer AWB-15_522u + AWB-15_527uvv
Inhoudsindicatie
Trefwoorden: Integrale geloofwaardigheidstoets, terughoudende toets, vermoedens, ongeloofwaardigheid onvoldoende gemotiveerd, Hazara, werkzaam voor buitenlandse organisaties, Taliban. Samenvatting: De tegenwerpingen van verweerder hebben betrekking op interne geloofwaardigheidsindicatoren. Bij interne geloofwaardigheidsindicatoren gaat het kort gezegd over de vraag of gedetailleerd en specifiek is verklaard en of het verhaal van de vreemdeling consistent is. Niet in geschil is dat eiser gedetailleerd en breedvoerig heeft verklaard over de gebeurtenissen die aanleiding waren om te vluchten. Ook is er geen sprake van tegenstrijdigheden in de verklaringen van eiser. Verweerder heeft ter zitting bevestigd dat eiser wordt gevolgd in alle gebeurtenissen waarover hij heeft verklaard. De voorzieningenrechter is vervolgens van oordeel dat verweerder zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat puur speculatief en dus ongeloofwaardig is dat de mannen die eiser benaderden Taliban waren. Van eiser kan in het kader van de integrale geloofwaardigheidstoets niet worden verwacht dat hij bewijst dat zijn verklaringen of vermoedens in dit verband juist zijn. Het bestreden besluit is naar het oordeel van de voorzieningenrechter op dit onderdeel onvoldoende deugdelijk gemotiveerd. Voorts heeft verweerder niet in redelijkheid het vermoeden van eiser dat de mannen zijn ontstoppingsapparaat wilden gebruiken om een aanslag te plegen, onaannemelijk kunnen achten. Er zijn concrete aanwijzingen voor de conclusie van eiser dat de mannen via eiser aanslagen wilden plegen (mogelijk door het plaatsen van explosieven) bij de opdrachtgevers van eiser. Ook heeft verweerder naar het oordeel van de voorzieningenrechter onvoldoende gemotiveerd waarom niet aannemelijk is dat de mannen het juist op eiser hadden gemunt. Uit het Algemeen ambtsbericht blijkt dat eiser een aantrekkelijk slachtoffer vormt vanwege zijn werkzaamheden voor buitenlandse organisaties en zijn status als etnisch Hazara (hetgeen een verhoogd risico oplevert voor geforceerde rekrutering en gedwongen arbeid). Niet in geschil is dat eiser al jaren voor zijn werkzaamheden bij buitenlandse organisaties en overheidsinstantie over de vloer kwam en dat dergelijke organisaties volgens het Algemeen ambtsbericht doelwitten van de Taliban zijn. Verweerder heeft dit onvoldoende deugdelijk betrokken in zijn afwegingen. Voorts heeft verweerder ten aanzien van een deel van de verklaringen van eiser niet kunnen volstaan met het betoog dat dit deel van het relaas niet wordt gezien als relevant element en dat dit buiten beschouwing blijft voor de verdere besluitvorming. Immers, de integrale geloofwaardigheidstoetsing brengt met zich dat de verklaringen van de vreemdeling worden meegewogen. Verder merkt de voorzieningenrechter in dit verband op dat voldoende vast is komen te staan dat er maar twee of drie loodgieters in Kabul waren die met een ontstoppingsapparaat als dat van eiser werkten. Tot slot heeft verweerder onvoldoende gemotiveerd dat de omstandigheden dat eiser in de twintig dagen voorafgaand aan zijn vertrek uit Afghanistan niets meer heeft gehoord van de vermeende Taliban en dat zijn zus ook geen last van de Taliban heeft ondervonden, afbreuk zouden doen aan de geloofwaardigheid van het relaas. Verweerder heeft in dit verband ten onrechte niet kenbaar in zijn afweging betrokken dat eiser heeft verklaard dat hij gedurende deze twintig dagen ondergedoken heeft gezeten en dat zijn zus is verhuisd. Gelet op het bovenstaande is het beroep gegrond. Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van de Awb.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
